De vragen die artikel 6 stelt, elk met het lid waaruit ze komt, en bijlage III zoals de verordening die in uw taal opsomt, gelezen in de versie die sinds 27 juli 2026 geldt. Het resultaat is een schriftelijke bepaling om te bewaren: of de verordening het systeem bereikt, of het via de productroute of de lijstroute een systeem met een hoog risico is, vanaf welke datum, en wat daaruit volgt voor een aanbieder of een gebruiksverantwoordelijke. Niets van wat u invult, verlaat deze pagina.
AI-systeem (optioneel, voor de documenttitel) Is een van de uitsluitingen van artikel 2 van toepassing? Op sommige systemen is de verordening helemaal niet van toepassing. Drie uitsluitingen zijn voor een onderneming van belang; de open-source-uitsluiting van artikel 2, lid 12, hoort daar niet bij, omdat zij vervalt voor een systeem dat als systeem met een hoog risico in de handel wordt gebracht.
Geen van deze Het systeem wordt uitsluitend voor militaire, defensie- of nationale veiligheidsdoeleinden in de handel gebracht, in gebruik gesteld of gebruikt (artikel 2, lid 3) Het systeem is specifiek ontwikkeld en in gebruik gesteld met als enig doel wetenschappelijk onderzoek en wetenschappelijke ontwikkeling (artikel 2, lid 6) Het systeem is nog in onderzoek, test of ontwikkeling en is niet in de handel gebracht of in gebruik gesteld; testen onder reële omstandigheden valt hier niet onder (artikel 2, lid 8)
Is het systeem een product, of onderdeel van een product, onder de in bijlage I vermelde wetgeving? Afdeling A vermeldt de handelingen van het nieuwe wetgevingskader: speelgoed, pleziervaartuigen, liften, apparaten voor explosieve atmosferen, radioapparatuur, drukapparatuur, kabelbaaninstallaties, persoonlijke beschermingsmiddelen, gasapparaten, medische hulpmiddelen en medische hulpmiddelen voor in-vitrodiagnostiek. Afdeling B vermeldt de beveiliging van de burgerluchtvaart, twee- en driewielige voertuigen, landbouwvoertuigen, uitrusting van zeeschepen, de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem, motorvoertuigen, de burgerluchtvaart en, sinds 27 juli 2026, de machineverordening (EU) 2023/1230, die van afdeling A naar afdeling B is verhuisd. Los verkochte software valt onder geen van beide, tenzij zij een van deze producten is.
Nee, het systeem is geen product en geen onderdeel van een product onder bijlage I Ja, onder een handeling in afdeling A van bijlage I Ja, onder een handeling in afdeling B van bijlage I
Is het systeem bedoeld voor een van de in bijlage III vermelde toepassingen? Artikel 6, lid 2, maakt elk in bijlage III vermeld systeem tot een systeem met een hoog risico, naar zijn beoogde doel, waar het ook wordt ingezet. Kies het punt dat beschrijft waarvoor het systeem bedoeld is; de bewoording is die van de verordening.
Is het systeem bedoeld voor een van de in bijlage III vermelde toepassingen? Kies een punt van bijlage III Geen van deze beschrijft het beoogde doel (a) systemen voor biometrische identificatie op afstand. Dit geldt niet voor AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor biometrische verificatie met als enig doel te bevestigen dat een specifieke natuurlijke persoon de persoon is die hij of zij beweert te zijn; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor biometrische categorisering op basis van gevoelige of beschermde eigenschappen of kenmerken, of op basis van wat uit die eigenschappen of kenmerken wordt afgeleid; (c) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor emotieherkenning. AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt als veiligheidscomponent bij het beheer of de exploitatie van kritieke digitale infrastructuur, wegverkeer of bij de levering van water, gas, verwarming en elektriciteit. (a) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het bepalen van toegang of toelating tot of het toewijzen van natuurlijke personen aan instellingen voor onderwijs en beroepsonderwijs op alle niveaus; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het evalueren van leerresultaten, ook wanneer die resultaten worden gebruikt voor het sturen van het leerproces van natuurlijke personen in instellingen voor onderwijs en beroepsonderwijs op alle niveaus; (c) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het beoordelen van het passende onderwijsniveau dat een persoon zal ontvangen of waartoe hij toegang zal hebben, in het kader van of binnen instellingen voor onderwijs en beroepsonderwijs op alle niveaus; (d) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het monitoren en detecteren van ongeoorloofd gedrag van studenten tijdens toetsen in de context van of binnen instellingen voor onderwijs en beroepsonderwijs op alle niveaus. (a) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het werven of selecteren van natuurlijke personen, met name voor het plaatsen van gerichte vacatures, het analyseren en filteren van sollicitaties, en het beoordelen van kandidaten; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het nemen van besluiten die van invloed zijn op de voorwaarden van arbeidsgerelateerde betrekkingen, de bevordering of beëindiging van arbeidsgerelateerde contractuele betrekkingen, voor het toewijzen van taken op basis van individueel gedrag of persoonlijke eigenschappen of kenmerken, of voor het monitoren en evalueren van prestaties en gedrag van personen in dergelijke betrekkingen. (a) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens overheidsinstanties te worden gebruikt om te beoordelen of natuurlijke personen in aanmerking komen voor essentiële overheidsuitkeringen en -diensten, waaronder gezondheidsdiensten, of om dergelijke uitkeringen en diensten te verlenen, te beperken, in te trekken of terug te vorderen; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het beoordelen van de kredietwaardigheid van natuurlijke personen of voor het vaststellen van hun kredietscore, met uitzondering van AI-systemen die gebruikt worden om financiële fraude op te sporen; (c) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor risicobeoordeling en prijsstelling met betrekking tot natuurlijke personen in het geval van levens- en ziektekostenverzekeringen; (d) AI-systemen die bedoeld zijn om noodoproepen van natuurlijke personen te evalueren en te classificeren of om te worden gebruikt voor het inzetten of het bepalen van prioriteiten voor de inzet van hulpdiensten, onder meer van politie, brandweer en ambulance, alsook van systemen voor de triage van patiënten die dringend medische zorg behoeven. (a) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens rechtshandhavingsinstanties, of door instellingen, organen of instanties van de Unie ter ondersteuning van rechtshandhavingsinstanties of namens hen, te worden gebruikt om het risico te beoordelen dat een natuurlijke persoon het slachtoffer wordt van strafbare feiten; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens rechtshandhavingsinstanties of door instellingen, organen of instanties van de Unie ter ondersteuning van rechtshandhavingsinstanties te worden gebruikt als leugendetector of soortgelijke instrumenten; (c) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens rechtshandhavingsinstanties of door instellingen, organen of instanties van de Unie ter ondersteuning van rechtshandhavingsinstanties te worden gebruikt om de betrouwbaarheid van bewijsmateriaal tijdens het onderzoek naar of de vervolging van strafbare feiten te beoordelen; (d) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens rechtshandhavingsinstanties of door instellingen, organen of instanties van de Unie ter ondersteuning van rechtshandhavingsinstanties te worden gebruikt om te beoordelen hoe groot het risico is dat een natuurlijke persoon (opnieuw) een strafbaar feit zal plegen, niet uitsluitend op basis van profilering van natuurlijke personen als bedoeld in artikel 3, punt 4, van Richtlijn (EU) 2016/680, of om persoonlijkheidskenmerken en eigenschappen of eerder crimineel gedrag van natuurlijke personen of groepen te beoordelen; (e) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens rechtshandhavingsinstanties of door instellingen, organen en instanties van de Unie ter ondersteuning van rechtshandhavingsinstanties te worden gebruikt om natuurlijke personen te profileren als bedoeld in artikel 3, punt 4, van Richtlijn (EU) 2016/680, tijdens het opsporen, onderzoeken of vervolgen van strafbare feiten. (a) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens bevoegde overheidsinstanties of door instellingen, organen of instanties van de Unie te worden gebruikt als leugendetector of soortgelijke hulpmiddelen; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens bevoegde overheidsinstanties of door instellingen, organen of instanties van de Unie te worden gebruikt om risico’s te beoordelen, waaronder een veiligheidsrisico, een risico op illegale migratie of een gezondheidsrisico, uitgaat van een natuurlijke persoon die voornemens is het grondgebied van een lidstaat te betreden of dat heeft gedaan; (c) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens bevoegde overheidsinstanties of door instellingen, organen of instanties van de Unie te worden gebruikt om bevoegde overheidsinstanties bij te staan bij de behandeling van aanvragen voor asiel, visa of verblijfsvergunningen en bij de behandeling van aanverwante klachten in verband met het al dan niet in aanmerking komen van de natuurlijke personen die een aanvraag voor een status indienen, met inbegrip van hieraan gerelateerde beoordelingen van de betrouwbaarheid van bewijsmateriaal; (d) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens bevoegde overheidsinstanties, of door instellingen, organen of instanties van de Unie, te worden gebruikt in het kader van migratie-, asiel- of grenstoezichtsbeheer, met het oog op het opsporen, herkennen of identificeren van natuurlijke personen, met uitzondering van de verificatie van reisdocumenten. (a) AI-systemen die bedoeld zijn om door of namens een gerechtelijke instantie te worden gebruikt om een gerechtelijke instantie te ondersteunen bij het onderzoeken en uitleggen van feiten of de wet en bij de toepassing van het recht op een concrete reeks feiten of om te worden gebruikt op soortgelijke wijze in het kader van alternatieve geschillenbeslechting; (b) AI-systemen die bedoeld zijn om te worden gebruikt voor het beïnvloeden van de uitslag van een verkiezing of referendum of van het stemgedrag van natuurlijke personen bij de uitoefening van hun stemrecht bij verkiezingen of referenda. Dit geldt niet voor AI-systemen aan de output waarvan natuurlijke personen niet rechtstreeks worden blootgesteld, zoals instrumenten die worden gebruikt om politieke campagnes te organiseren, te optimaliseren of te structureren vanuit administratief of logistiek oogpunt. Is dit type en model van het systeem al in de handel of in gebruik? Artikel 111, lid 2, geeft systemen die vóór de toepassingsdatum van hoofdstuk III in de handel zijn een overgangsperiode: de verordening bereikt ze pas wanneer hun ontwerp aanzienlijk wordt gewijzigd. Antwoord voor het type en model, niet voor het afzonderlijke exemplaar.
Ja, al in de handel gebracht of in gebruik gesteld Nee, nog niet
Welke operator bent u? Een aanbieder ontwikkelt het systeem, of laat het ontwikkelen, en brengt het onder eigen naam in de handel of stelt het in gebruik (artikel 3, punt 3); een gebruiksverantwoordelijke gebruikt het onder eigen verantwoordelijkheid (artikel 3, punt 4). Een productfabrikant die het systeem samen met zijn product onder eigen naam in de handel brengt, is de aanbieder (artikel 25, lid 3).
De aanbieder: wij hebben het ontwikkeld en brengen het onder onze naam in de handel of stellen het in gebruik Een gebruiksverantwoordelijke: wij gebruiken een systeem dat een ander aanbiedt Een productfabrikant: wij brengen het systeem met ons product onder onze naam in de handel (artikel 25, lid 3)
Beantwoord de vragen voor zover ze worden gesteld en de bepaling wordt hier geschreven.